FAQ

Algemeen

Is Democratisch Onderwijs voor ieder kind geschikt?

 

Democratisch onderwijswijs is voor ieder kind geschikt dat eigen verantwoordelijkheid kan dragen. Ieder op zijn/ haar eigen niveau. Is democratisch onderwijs voor elke ouder geschikt? Het is hard werken als ouder. Durven loslaten en vertrouwen. Deze vorm past bij ieder kind met ouders die achter onze opvatting van leren staan, zoals dat geldt voor elke vorm van onderwijs. De basisprincipes van De Vallei gelden voor iedereen: je geaccepteerd en gewaardeerd voelen, invloed hebben op je eigen situatie, duidelijkheid en mogelijkheden hebben om te groeien. Als ouders niet achter de visie staan, krijgt het kind twee verschillende boodschappen mee. De ervaring leert dat een kind dan niet volledig tot ontplooiing kan komen en het beter is om voor een andere school te kiezen.

Kiezen kinderen niet steeds de gemakkelijkste weg?

Kinderen hebben altijd zin in hun eigen ontwikkeling. Kinderen hebben op De Vallei de vrijheid om hun eigen activiteiten te bepalen. We zien elke dag weer met welke intensiteit kinderen zichzelf verder ontwikkelen. De een leert de steile trap op te lopen, een ander speelt voortdurend spelletjes om te leren tegen zijn verlies te kunnen, de volgende leert met boosheid of met zijn bazigheid om te gaan, en weer een ander krijgt op zijn manier het rekenen onder de knie. Kinderen stellen hun eigen uitdagingen en hebben er plezier in telkens een stap verder te komen. Discipline en doorzettingsvermogen zijn er vanzelf als het doel uit henzelf voortkomt.

Krijg je geen eigenwijze kinderen die alleen maar aan zichzelf denken?

 

Juist in de benadering van Natuurlijk Leren is er ruimte en tijd om naar elkaar te luisteren en om problemen met elkaar op te lossen. Je zit niet vast aan een lesrooster. Als er een conflict is, is dit op dat moment het meest belangrijk om aandacht aan te besteden. Juist door deze ruimte leren kinderen naar zichzelf en naar de ander te luisteren. Het tegendeel is dus waar: deze benadering levert kinderen op die rekening houden met de ander, zonder zichzelf te vergeten.

MOETEN kinderen dingen op school?

‘Moeten’ heeft twee betekenissen: ‘moeten’ als iets wat is opgelegd en ‘moeten’ als consequentie. Kinderen moeten dingen bij ons op school als consequentie van iets waar ze voor gekozen hebben. Als je gekookt hebt, moet je ook de keuken opruimen. Al dan niet samen met een leerkracht. Die afspraak maken we met elkaar. Als je naar de universiteit wilt, moet je een diploma halen. Er zit een te begrijpen logica achter dit ‘moeten’. Het gaat om grenzen die we aangeven en om afspraken die met elkaar gemaakt zijn. Als je niets wil, ben je volledig vrij en moet je niets. Zodra je verlangens krijgt en die wil vervullen moet je verbindingen aangaan en afstemming zoeken met je omgeving. Dit gebeurt bij basisschool De Vallei voortdurend. In die zin ‘moeten’ er elke dag dingen bij ons op school.

Kinderen moeten op school niets ‘van bovenaf opgelegd’ zonder dat ze daar invloed op hebben. Niemand vindt het fijn om ingeperkt te worden door iets waar je geen invloed op hebt. Later in de maatschappij kunnen er dingen zijn die je gewoon moet doen. Alhoewel het ook daar in de meeste gevallen gaat om een consequentie van een keuze die je maakt. Het helpt niet om kinderen nu al dingen te laten moeten doen, zodat ze er later mee om kunnen gaan. Integendeel, daarmee leren we kinderen dat er geen mogelijkheden zijn en ontwikkelen ze een houding van slachtoffer zijn van de situatie. We willen niet kijken naar de beperkingen van het moeten, maar naar de mogelijkheden die je wèl hebt.

Neem je risico als je je kind naar De Vallei stuurt? Kan het fout gaan?

Als je kind op een Natuurlijk Leren school zit, loop je de kans dat je kind zich zal ontwikkelen op een manier die jij niet in je hoofd had. Wil je een kind dat zijn eigen weg volgt, gelukkig is en zelfvertrouwen ontwikkelt? Dan is De Vallei een goede optie. Heb je geen vertrouwen in het zelflerend vermogen van je kind en wil je liever dat hij of zij een zoveel mogelijk ‘traditioneel’ aanbod krijgt? Kies in dat geval niet voor De Vallei. Elk kind is uniek en leert op zijn of haar eigen manier. Als ouder probeer je een keuze te maken die het beste aansluit bij je eigen leefwijze en bij je kind. Hoe zorgvuldig je de afweging ook maakt of welke school je ook kiest, er is altijd een risico dat je kind er toch niet goed op zijn plek zit.

Als je vindt dat een kind een zo hoog mogelijke opleiding moet hebben en hij of zij haalt er niet uit wat erin zit, dan kun je concluderen dat het ‘fout’ is gegaan. Maakt een kind echter een bewuste keuze om een opleiding te voltooien die lager is dan hij of zij had gekund? Als het kind hier gelukkig mee is, kan je moeilijk zeggen dat er iets is fout gegaan. Je kunt misschien wel zeggen dat er iets is ’fout’ gegaan als kinderen later in hun leven spijt krijgen van hun studiekeuze. Ze hadden, achteraf gezien, hun tijd beter kunnen besteden. Op onze school worden de kinderen de hele dag ‘uitgedaagd’ om te verzinnen wat ze nou echt zelf willen doen. Dat is niet altijd makkelijk en soms vervelen ze zich tot ze ontdekken wat hen inspireert. De kans dat ze dan nog iets doen waar ze later spijt van krijgen, is kleiner dan wanneer ze nooit hebben leren kiezen omdat er altijd voor hen gekozen werd.

Een ex-student van de Sudbury Valley School verwoordde het zo: “Je kunt je kind naar een gewone school sturen. Eigenlijk zeg je dan: ‘Vanaf nu beslis je niet meer zelf, maar bepalen anderen wat goed voor jou is.’ Het is helemaal niet gezegd dat dit niet zou werken, je neemt echter een groot risico. Je moet als kind wel nèt die mensen tegen komen die je begrijpen en die de juiste beslissingen voor jou nemen. Als ouders neem je een minder groot risico door je kind naar een Sudbury Valley School te sturen. Het is een veel natuurlijkere omgeving waarin de kans dat een kind zich ontwikkelt tot een zelfstandige volwassene veel groter is!”

De Vallei

Bij wat voor stroming of visie hoort jullie school?

Al een tijdje bruist onderwijsland van de vernieuwingsinitiatieven. Scholen, leerkrachten en schoolbegeleidingsdiensten zoeken naar manieren om onderwijs anders in te richten. Klassikaal, frontaal onderwijs is niet meer van deze tijd, vinden zij. Stromingen die voorbij komen:

  • Ervaringsgericht onderwijs (EGO);
  • Natuurlijk Leren;
  • Paradigma B onderwijs (APS)
  • Slash 21 (KPC)
  • Iederwijs;
  • Adaptief onderwijs (Luc Stevens)
  • Competentiegericht leren
  • NIVOZ
  • Sudbury
  • Gepersonaliseerd Leren (Steve Jobsschool)

Een hele lijst. En hoogstwaarschijnlijk incompleet. Ze hebben allemaal zo hun eigen kenmerken maar de gemeenschappelijke deler is dat zij in meer of mindere mate meer verantwoordelijkheid aan de leerling willen geven. Meer verantwoordelijkheid over het eigen leerproces wel te verstaan. Méér vraaggestuurd, minder aanbodgestuurd onderwijs. Onze school noemen wij een Democratische school op basis van Natuurlijk Leren. Natuurlijk Leren is onze visie op hoe je leert. Democratisch is de vorm waarmee we dat mogelijk maken. (en achter die vorm zit natuurlijk ook een visie). In vergelijking met traditioneel onderwijs zijn wij vernieuwend. Misschien zelfs radicaal. Maar eigenlijk doet dat er niet toe. Wat er wel toe doet, is dat het hele team zich heel sterk bewust is van het gegeven dat ieder kind zich uniek ontwikkelt. En dat die ontwikkeling telkens een eigen keuze in materialen, begeleiding, didactiek en pedagogiek vraagt. Als we dat goed op elkaar afstemmen, is onze missie geslaagd.

Internationaal

Bovenstaande lijst laat zien dat er vele stromingen en gradaties zijn. Ook in het buitenland zijn er veel vernieuwingsscholen die vraaggestuurd werken en zich al jarenlang bewijzen als goede onderwijsinstellingen. Zo zijn er: de Sudbury Valley School in Amerika (‘Free at last’), de Pestalozzi school in Equador (‘In vrijheid leren’), Reggio Emilia in Italië (‘100 talen van kinderen’) en de Summerhill school in Engeland. Als Democratische school zijn wij op Europees niveua aangesloten bij het EUDEC en op mondiaal niveau bij het International Democratic Education Network (IDEN).

Hoe zien jullie de rol van leerkracht, begeleider of coach?

 

Teamleden op De Vallei zijn leerkrachten, begeleider en coach.

De begeleiders zijn er in de eerste plaats om te zorgen dat school een veilige plek is en blijft voor elk kind. Veiligheid is de eerste voorwaarde om je te kunnen ontwikkelen. Begeleiders op De Vallei hebben een belangrijke sociale opdracht. Zij zijn medeverantwoordelijk voor de veiligheid en welzijn van de leerlingen.

Als leerkracht is het van belang om vakkennis te hebben. Hoewel het wellicht leuker is om samen te ‘ontdekken’ hoe bepaalde dingen nu in elkaar zitten. De leerkracht is op de hoogte van werkvormen en leerstijlen en weet deze effectief in te zetten. De vakkennis van de volwassene is voor kinderen zeker niet de enige factor om iemand uit te kiezen als onderwijzer. De persoonlijkheid en de intentie van de persoon weegt minstens evenzwaar mee. Met andere woorden: het gaat om de relatie die je hebt met elk kind. Is de relatie niet goed, dan kiest het kind niet voor die persoon. Hoe goed hij of zij het vak ook verstaat. In deze benadering krijg je hierover dus heel duidelijke feedback van de kinderen. Dat kan confronterend zijn. Als leerkracht moet je naar jezelf willen en durven kijken.

Tenslotte heeft ook elk kind zijn of haar persoonlijk coach. De coach moet goed kunnen luisteren, zowel naar kinderen als naar zichzelf. Hiervoor is een open houding nodig die kijkt naar mogelijkheden en niet naar beperkingen. Daarbij moet je de keuze bij de ander kunnen laten. Zonder dat je het gevoel krijgt dat jouw eigenwaarde aangetast wordt als iemand jouw suggestie of oplossing niet aanneemt en gebruikt. Het moeilijke voor een begeleider is dat je moet kunnen accepteren dat kinderen dingen ook zonder jou leren. Ze hebben jou misschien daarvoor wel helemaal niet nodig. Een coach op De Vallei observeert, inspireert en motiveert.

De laatste mens waarvan men beweerde hij alles van alles wist is in 1680 gestorven. Als teamleden hebben wij dus zeker niet de illusie dat wij alles van alles zouden moeten weten. Binnen het team vangen wij verschillende disciplines op. En hebben wij bepaalde kennis of vaardigheden niet in huis, dan schakelen we ouders of specialisten in.

 

Met hoeveel mensen werken jullie?

 

Onafhankelijk van de groepsgrootte zijn per dag minimaal drie begeleiders nodig. Dat is prettig; je kunt makkelijk met elkaar communiceren of met een kind mee de stad in. Je hebt zelf de vrijheid en niet de verplichting om met iedere vraag iets te moeten doen. Dit draagt bij aan een ontspannen sfeer. Ons team bestaat momenteel uit 7 begeleiders en 2 pedagogisch medewerkers. In praktijk zijn meestal drie tot vijf volwassenen per dag aanwezig.

De ervaring van soortgelijke scholen in het buitenland is dat hoe groter de groep kinderen is, hoe meer de kinderen met elkaar doen. Kinderen leren het meest van elkaar. Het aantal kinderen per begeleider kan daarom groeien. Verschillende begeleiders in een week zorgt voor een aanbod dat iedere dag anders is. Iedere leerkacht neemt zijn eigen interesses, kennis en ervaring mee. De één weet veel van muziek, de ander is creatief, de volgende weet veel van computers, of heeft veel algemene kennis. Iedere dag heeft zo zijn eigen mogelijkheden.

Mijn kind heeft structuur nodig. Bieden jullie dat wel?

 

Je kunt bij ons leren wat je belangrijk vindt. Dat betekent niet dat je maar kunt doen wat je wilt. Vrijheid op onze school is beslist geen grenzeloosheid. Er is veel structuur en er zijn veel afspraken die we met elkaar maken. School moet een plek zijn waar het voor iedereen fijn is. Dit betekent dat je rekening met elkaar houdt. Stuit je op een bezwaar van een ander? Dan kijk je of je een oplossing kunt vinden waarbij je beiden kunt doen wat je wilt. Er worden met elkaar regels en afspraken gemaakt.

Mensen verwarren nogal eens structuur met sturing. Alhoewel dat op het eerste gezicht misschien niet zo overkomt, bulkt onze school van de structuur. Afspraken die we met elkaar in de schoolvergadering maken staat opgeschreven in het afsprakenboek. Dát is onze structuur.

Mijn kind heeft sturing nodig. Bieden jullie dat wel?

 

Er zijn wel eens kinderen die van De Vallei af gaan omdat ze vinden dat ze te weinig leren. Ze zeggen dat ze graag willen dat wij meer sturen (jij moet zeggen dat het moet).  In principe volgt ieder kind op onze school zijn/ haar eigen weg. Het uitspreken van de behoefte om meer gestuurd te worden is een hele duidelijke leerwens. Om hier meer aan tegemoet te kunnen komen, zijn we in 2012 gestart met het SOM (Spelend, Ontdekkend, Meesterschap) traject. Deze termen zijn ontleend aan Sudbury die deze vormen van leren onderscheidt.

Als school willen wij graag begeleiding bieden die recht doet aan al deze drie vormen van leren. Hiertoe vragen we tijdens een coachgesprek op welke manieren zij begeleid willen worden. Kiezen zij voor een bepaalde leerwens voor meesterschap dan wordt er een plan gemaakt en een doel vastgesteld voor een termijn van acht weken (evt. met lange termijn doel en blokken van zes weken). Het kind gaat een commitment aan om die acht weken vol te maken en het plan te volgen. Het kind is dan ook verplicht om naar de les te komen. Kiezen kinderen dus voor meesterschap, dan kiezen de kinderen zelf voor een vorm van sturing. Deze sturing staat in dienst van het resultaat.

Wat is het verschil met traditioneel vernieuwingsonderwijs?

 

Zoals Montessori, Vrije School, Jenaplan en Freinet? In onze zoektocht en formulering van de visie hebben wij verschillende traditionele vernieuwingsonderwijsvormen uitgebreid onderzocht. Sommigen van het team zelfs jarenlang in gewerkt. Wat we allen misten was de vertaling naar de echt individuele behoefte. Het was soms spijtig om te zien hoe pragmatisch de schitterende visies van bijvoorbeeld Maria Montessori of Jenaplan in de praktijk gehanteerd waren. Als bij ons op school een kind zich met inzichtelijk materiaal wekelijks via een Dalton planning optimaal ontwikkeld….is dat prima. Schuurpapieren letters zijn een fantastische vorm om je de schrijfvormen eigen te maken. Maar als een kind met die zelfde houtjes leert hoe hij een brug kan bouwen, houden wij dit niet tegen. Misschien past de Letterschool app op de iPad veel beter bij zijn leerstijl.?

Dát is het grote verschil. We bieden vraaggestuurd onderwijs, geen aanbod gestuurd onderwijs. Wat zijn de kwaliteiten? Wat heeft het kind nodig? De discipline van Dalton met de saamhorigheid van Jena? Het zittende team heeft alle expertise blik in huis om te signaleren, stimuleren en af te stemmen.

Een ander belangrijk verschil verschil is dat in veel van deze schoolvormen het onderwijs een doel heeft dat verderop ligt. Het kind moet: sociaal vaardig worden, zelfstandig worden, voor zichzelf leren opkomen en die bepaalde kennisleer. Op De Vallei mogen kinderen al zijn wie ze zijnvoelen wat ze voelen en denken wat ze denken, zonder dat hier een waardeoordeel aan vast zit. Ook wordt het niet gekoppeld aan een leerdoel dat volwassenen bedacht hebben. Wij creëren een veilige omgeving waar niet aan kinderen getrokken wordt, of dubbele agenda’s zijn. ‘Je bent zo al goed’ èn je ontwikkelt jezelf verder in een richting die bij jou past! Want wij gaan er vanuit dat elk mens altijd zin heeft in zijn eigen ontwikkeling en dat je altijd bezig bent met leren.

 

Leren

Hoe is de doorstroom naar Voortgezet Onderwijs?

 

Goed. Al bijna 10 jaar stromen kinderen uit naar de school van hun keuze. Sommige kinderen doen dit met een eindtoets, andere met een motivatiebrief. Voortgezet Onderwijs (VO) scholen geven ons terug dat onze oud-leerlingen een bijzonder gemotiveerde werkhouding hebben. Kinderen bepalen zelf wanneer ze de stap naar het VO maken, de een doet dat op 12-jarige leeftijd, de ander op 14-jarige leeftijd. De een is op 10-jarige leeftijd cognitief al klaar voor het VO, maar emotioneel nog niet. Of andersom natuurlijk. Gemeenschappelijke factor is dat ze allemaal heel bewust kiezen en hierdoor in het voortgezet onderwijs sterk in hun schoenen staan.

Uitstroom leerlingen VOO

Sinds schooljaar 2015 bieden we binnen de Vallei ook democratisch Voortgezet Onderwijs aan. Kijk voor meer informatie op de website.

Op de Vallei kan een kind een eindtoets (CITO, NIO, GIVO) naar keuze maken. Met individuele begeleiding werken we naar de toets toe. Welke kennis is al aanwezig, welke mist nog en op welke manier wil je dat leren? Er zijn ook kinderen die er voor kiezen geen toets te maken, zij motiveren en lichten hun keuze bij de vervolgopleiding toe.

 

 

 

Leren kinderen wel waarden en normen?

Waarden zijn de zaken die voor jou belangrijk zijn. Normen zijn de regels die hieruit voortkomen.

Waarden zijn dynamisch, ze veranderen als de maatschappij verandert. Je ontwikkelt je waarden door voorbeelden die je ziet in je omgeving. Kinderen nemen ons voorbeeld over. “Je onderwijst wat je bent, niet wat je zegt”, zei Freinet. Willen wij dat de kinderen open en eerlijk zijn, naar elkaar luisteren, samenwerken en respect hebben voor anderen? Dan moeten wij in de eerste plaats zorgen dat wij zelf open en eerlijk zijn, naar elkaar en de kinderen luisteren, samenwerken en respect hebben voor anderen.

Daarnaast kun je alleen geven als je zelf genoeg hebt: je kunt naar de ander luisteren als er ook naar jou geluisterd wordt, je kunt de ander ruimte geven als je zelf genoeg ruimte hebt. Je kunt het accepteren dat een ander anders denkt als jou denkwijze ook geaccepteerd wordt. Als er gebrek aan ruimte en acceptatie is, ontstaat er spanning en strijd. Het is dus aan ons om naar de kinderen te luisteren, ze ruimte te geven en te accepteren dat ze zijn zoals ze zijn.

Waarden kun je niet opleggen aan anderen. Je kunt niet iemand dwingen iets goed of slecht te vinden. Je kunt mensen wel dwingen om zich aan de regels (normen) te houden. Wanneer mensen goede waarden ontwikkelen, ontstaan de regels (of liever afspraken) vanzelf en hoef je niemand te dwingen iets te doen of te laten. Als mensen gedwongen worden om zich aan normen te houden, die niet aansluiten bij hun waarden, gaan ze in het verzet. Afspraken en regels die echter voortkomen uit je eigen waarden worden gedragen. Er is geen verzet meer tegen die afspraken omdat er innerlijke overeenstemming is.

Ontwikkelt een kind zich niet eenzijdig?

 

Onmogelijk. De kracht van een groep kinderen en volwassenen met inbreng van informatie, ideeën en aanbod is oneindig. Die invloed is zeer groot! Je moet bij ons op school heel erg je best doen om je eenzijdig te gaan ontwikkelen. Natuurlijk is het wel zo dat sommige kinderen meer heen en weer fladderen van het ene onderwerp naar het andere, terwijl anderen meer verdieping zoeken in één onderwerp. Gelukkig hebben we in de maatschappij zowel allrounders als specialisten nodig. Er is voor iedereen een plek.

Voldoen jullie aan de kerndoelen?

Jazeker! Meer dan dat zelfs, we hebben al jaren een uitstekend inspectierapport.

De kerndoelen voor het basisonderwijs beschrijven wat een leerling aan het eind van de basisschool moet kennen en kunnen. De kerndoelen worden aangegeven per leergebied, zoals taal, rekenen, wereldoriëntatie enzovoort. De basisschool mag zelf bepalen op welke manier de leerlingen de kerndoelen bereiken. De Inspectie van het Onderwijs (Onderwijsinspectie) houdt er toezicht op. De kerndoelen zijn ingevoerd voor meer eenheid in het onderwijs, beter en doelgerichter basisonderwijs aan te bieden en een goed aan te sluiten op het voortgezet onderwijs.

De kerndoelen zijn vooral gericht op cognitieve kennis en vaardigheden. Maar naar ons idee heb je veel meer nodig om goed te functioneren in de maatschappij. Deze overstijgende kerndoelen vormen de basis van basisschool De Vallei. Deze doelen zijn o.a.: positief zelfbeeld, sociaal gedrag, planmatig werken, uiteenlopende leerstrategieen gebruiken en goede werkhouding. Ook is aandacht voor nieuwe media en de zogenaamde 21st century skills als problemen oplossen, communicatie, samenwerking, aanpassingsvermogen, leiderschap, productiviteit en sociale- en motorische vaardigheden.

Wat als een kind niet wil leren lezen en rekenen?

 

Ieder kind wil leren lezen. Ieder kind wil participeren en leesvaardigheid is onmisbaar in een maatschappij vol taal. Ook rekenen komt terug in alle facetten van onze samenleving. Hoe, wanneer, in welk tempo en met welk hulpmiddel kinderen leren lezen wordt aangepast aan persoonlijke leerstijl. Samen met de coach wordt bekeken wat de meest effectieve methode is. Veel taal- en rekenvaardigheden leren kinderen in eigen of gezamenlijke reële situaties. Interessant in dit verband is ook het artikel van Ewald Vervaet over het ‘leesrijp’ zijn van kinderen.

Is er geen belangstelling voor lezen of rekenen? Verloopt het leren niet naar wens, dan wordt samen met kind, coach, ouders en IB-er (pro-) actief gezocht naar eventuele blokkades.

Wat doen jullie met kinderen met leerproblemen?

 

Wij hebben een uitgebreid zorgplan die er naar streeft eventuele problemen in een zo vroeg mogelijk stadium te signaleren en adequaat aan te pakken. De zorgstructuur (zie bijlage) is hier een illustratief voorbeeld van. Ten grondslag van het  zorgplan ligt onze visie dat een leer- of gedragsZorgstructuurprobleem in de eerste plaats een probleem is van de omgeving. Niet van het kind zelf. Veel ‘leerproblemen’ ontstaan door druk van buitenaf. Door een omgeving die niet past bij de behoeftes van het kind, zodat hij of zij niet op een manier kan leren die bij hem past. Men moet passen in een systeem dat door anderen bedacht is en op een vast moment en op een wijze leren die anderen bepaald hebben.

Jarenlange praktijkervaring in het buitenland laat zien dat veel ‘leerproblemen’ die kinderen in aanleg wel hebben, niet tot uiting komen in een benadering waarin kinderen veel zelf kunnen bepalen. Wij richten in onze aanpak dus vooral op wat het kind wèl kan. We kijken naar mogelijkheden, zodat het kind vertrouwen in zichzelf en de ander heeft. Mocht blijken dat een een kind vanwege onvermogen niet kan lezen of rekenen, dan wordt in overleg met het kind bekekene welke hulp en ondersteuning hij of zij hierbij kan en wil gebruiken. Dit is in de praktijk overigens nog niet voorgekomen.

Praktijk

Hoe doen jullie dat met computers?

 

Schermgebruik (computer, Ipad, DS, etc) is een terugkerend discussiepunt. Zowel in de schoolvergadering als tijdens de ouderavond. Het kan zijn dat elke periode weer nieuwe afspraken over computergebruik zijn gemaakt. Zo geldt op dit moment in de kleuterruimte de afspraak dat de computer alleen na 12.00 aan mag. Kleuters hebben dit met elkaar in de schoolvergadering afgesproken. In de schoolvergadering worden afspraken gemaakt over frequentie, duur en al dan niet geschikte spelletjes.

Verspreid in het gebouw staan computers met verschillende gebruikersfuncties. Op kantoor mag je de computers gebruiken als er in stilte aan gewerkt wordt, om dingen op te zoeken of documenten te maken. De computers in de studieruimte worden ingezet ter ondersteuning van de lessen. Er staat software op die ondersteunend zijn voor het leren lezen, rekenen en schrijven. Dan zijn er nog computers waar spelletjes op gespeeld worden. Je mag daar alleen op als je je hebt ingetekend op de inschrijflijst. Ook als je wilt meekijken.

 

Sugata Mitra

Kinderen zitten bijna nooit alleen achter de computer. Ze helpen elkaar en leren van elkaar. Het is een sociaal gebeuren. Sommige kinderen hebben geen interesse in de computer, anderen juist heel veel. Sommige kinderen zitten dagenlang achter de computer. Het onderzoek van Sugata Mitra laat zien hoe kinderen in staat zijn tot zelf-organiserend vermogen wanneer ze een computer tot hun beschikking hebben.  

De meeste kinderen die vaak achter de computer zitten, verliezen op een gegeven moment hun interesse: ze zijn voldaan. Ze zien dat er buiten de computer nog veel meer dingen te beleven zijn die ook heel interessant zijn.

Bij een ongezonde balans, bijvoorbeeld als er problemen ontstaan met geweldadige spelletjes of erotische sites op internet, of als kinderen zich echt dreigen te verliezen in de computer, onderzoeken we de situatie. Altijd in overleg met kind, ouders en coach.

Hoe weten jullie of en hoe een kind zich ontwikkelt?

 

Wij gebruiken een leerlingvolgsysteem dat speciaal voor Natuurlijk Leren is ontwikkeld. Hierin houden we door middel van observaties bij hoe kinderen zich ontwikkelen. Wij maken foto’s en video’s van bezigheden, gebeurtenissen of activiteiten waar de kinderen mee bezig zijn geweest. De observaties zijn geschreven tekst over wat wij van het kind waargenomen hebben. Kinderen kunnen ook zelf hun eigen ontwikkeling bijhouden. Het leerlingvolgsysteem is uitgebreid beschreven op de pagina van Spectrovita. 

 

 

Hoe ziet een dag op school eruit?

 

Iedere dag verloopt anders. Dit kunnen we niet van tevoren voorspellen. Dit is afhankelijk van wat de kinderen en de volwassenen inbrengen aan ideeën en activiteiten en hoe een dag

Leren? Natuurlijk!

zich ontvouwt. Als de kinderen ’s ochtends binnen komen, gaan ze gelijk aan de gang met hun activiteiten. Ze zoeken hun vriendjes op, wisselen ideeën uit, gaan eerst rustig een boek lezen of beginnen gelijk aan een plan dat ze van tevoren bedacht hebben.

De dag bestaat verder uit een stroom van activiteiten: er wordt aan elkaar voorgelezen, kinderen verkleden zich, zitten samen achter de computer, spelen buiten, schilderen, ze maken sommen uit een rekenboek, rekenen uit hoe groot de zon is als de aarde zo groot is als onze globe, maken muziek op het keyboard, enzovoorts. Naast de activiteiten die zich spontaan ontvouwen, is er ook een activiteitenprogramma. Elke dag worden er activiteiten en lessen georganiseerd. Denk hierbij aan het voorleesontbijt, kooklessen, de cijfer en letterclub en techniek. De lessen vinden op een vooraf vastgesteld tijdstip plaats. Kinderen kiezen zelf of ze willen meedoen aan een les. Zie ook: een dag op De Vallei. Lees ook het boek Leren? Natuurlijk!  voor een goed beeld over onze school.

Toetsen jullie?

 

Wij bieden kinderen de mogelijkheid om toetsen te maken. Methode-gebonden toetsen, alternatieve toetsen, NIO of CITO toetsen. Afhankelijk van de vraag. Overigens hebben kinderen zelf over het algemeen geen toetsen nodig om te weten of ze iets beheersen. Dit weten ze zelf al. Willen ze toch een toets maken om te zien wat ze kunnen, dan hebben we dus verschillende soorten en aanbieders van toetsen in huis. De meeste kinderen die de overstap naar het Voortgezet onderwijs willen maken, zie je in het jaar daar voorafgaand heel gericht naar toe werken.

Er is veel te zeggen over toetsen. Als school hebben wij de actuele discussie nauwgezet gevolgd. Wij kunnen ons bijzonder goed vinden in de visie van Luc Stevens met betrekking tot wat hij noemt: toetshysterie. Bekijk in dit kader ook de rapportage van Brandpunt.

Zoals de eerste alinea al aangeeft zijn wij niet per definitie tégen toetsen. Wél tegen het verplichte karakter ervan. Leerlingen moeten zelf de keuze hebben een toets af te leggen. Naast alle argumenten als de onterechte koppeling tussen proces en product en kwaliteitsmeting van het onderwijs, voert het welbevinden van onze leerlingen de boventoon. Omdat het maken van een toets het zelfvertrouwen van de leerling kan aantasten of faalangst in de hand kan werken zullen wij geen enkele leerling daartoe dwingen. Als de leerling het het zelf zinvol vindt om middels een toets inzicht te krijgen over eigen leerresultaat, faciliteren wij de vraag.

Volgen

We krijgen veel informatie over de kinderen doordat we gedurende de dag veel contact met de kinderen hebben. Daarnaast gaan we met de kinderen in gesprek en praten veel met elkaar en met de ouders. Dit laatste vooral als de kinderen gehaald en gebracht worden of in de oudergesprekken. 

Wat als een kind iedere dag hetzelfde doet?

Als een kind een lange tijd achter elkaar hetzelfde doet, achterhalen we hoe dat komt. Wat is de behoefte van het kind? Hiervoor observeren we en gaan we in gesprek met ouders en kind. Als blijkt dat hij of zij vol plezier met de activiteit bezig is, dan laten we het zo. Maar als blijkt dat het kind eigenlijk iets anders wil maar niet weet hoe dan kijken wij hoe dit zo goed mogelijk kunnen ondersteunen ondersteunen.

Overigens komt het nauwelijks voor dat kinderen iedere dag hetzelfde willen doen. Integendeel: ze doen op een dag juist heel veel verschillende dingen. Mét een grote intensiteit! En eigenlijk is dat hartstikke logisch. Eenmaal volwassenen wil je ook niet graag iedere dag de hele dag hetzelfde doen en voor kinderen is dat niet anders.

Werken jullie met methodes?

 

Diverse methodes in de kast

Van ‘Wereld in getallen’ tot ‘Taalactief, van ‘Wijzer door de tijd’ tot Pluspunt’. Wij hebben alle methodes binnen handbereik. Samen met de leerkracht wordt bekeken welke materialen het beste bij de leerling past. Soms is er geen methode voor nodig en soms zijn methodes hele goede middelen om ergens vaardig in te worden. Het komt regelmatig voor dat kinderen delen uit een methode doen en andere delen weer overslaan om dit op een andere manier of een later tijdstip te leren. De leerkracht is goed op de hoogte van het aanbod en stemt dit op de individuele leerbehoefte af. Omdat we niet 30x dezelfde methode materialen tegelijkertijd gebruiken, is er geld om het methode aanbod zo divers mogelijk te laten zijn. Dit valt mooi samen met het idee dat ieder kind Meervoudig Intelligent is en een eigen ‘ingang’ van leerstof heeft.

Zijn er gezamenlijke activiteiten?

 

Ja. Kinderen hebben niet alleen individueel les, er zijn ook activiteiten (of lessen) waar een groepje of zelfs de hele school aan kan deelnemen. We vieren gezamelijk algemene feesten en de verjaardagen van kinderen. Eén keer per maand gaan we naar een museum of op excursie. Kinderen ondernemen in de loop van de dag veel gezamenlijk, in steeds wisselende samenstellingen. Eén keer in de week is er de schoolkring waar dingen besproken en beslist worden. Daarvan zijn de laatste 5 minuten verplicht om naar de gemaakte afspraken te komen luisteren.

 

School & Maatschappij

Bereidt deze school wel voor op de ‘harde’ maatschappij?

 

De situatie op school heeft juist ontzettend veel overeenkomsten met het dagelijks leven in de maatschappij: een groep van verschillende mensen van verschillende leeftijden en met verschillende interesses. In de maatschappij mag je ook zelf weten wat je wilt doen. Ook daar zijn consequenties verbonden aan de keuzes die je maakt.

De school staat niet buiten de maatschappij, maar is er onderdeel van. Wij halen de maatschappij niet alleen binnen de school, maar hebben ook meer mogelijkheden om de maatschappij in te gaan. Onze school is juist een plek waar kinderen ondersteuning krijgen door samen die maatschappij te ontdekken.
De maatschappij is ook iets wat wij met elkaar zelf maken. Wij denken dat, door op een respectvolle manier met elkaar om te gaan, we de maatschappij een stukje respectvoller kunnen maken.

 

Vergelijking regulier

In vergelijking met het reguliere onderwijs zie je een situatie die veel verschilt met hoe het ‘daarbuiten’ is. Kinderen zitten (doorgaans) in een homogene groep van kinderen met dezelfde leeftijd. Dienen rustig en te zitten, te luisteren en doen wat de persoon zegt die voor ze staat. Een op de 6 klassen telt meer dan 30 leerlingen + een leerkracht die op 40m2 bij elkaar zitten.

Wat is bekend over leerlingen die Democratisch onderwijs hebben gehad en nu in de maatschappij leven?

In de tien jaar dat we nu bestaan, is er nog weinig bekend. Dat komt ook omdat wij alleen basisonderwijs bieden. Kinderen die zijn uitgestroomd zitten vrijwel allemaal nog op het Voortgezet onderwijs. Op een enkeling na. Hij vond het Voortgezet Onderwijs niet passend genoeg en is gelijk doorgegaan naar het conservatorium in Amsterdam.

Andere democratische scholen die wel VO hebben,  kunnen steeds meer resultaat overleggen van kinderen die na VO de maatschappij in zijn gestapt. Sommige leerlingen kiezen voor het afleggen van een staatsexamen, andere niet. Nieuwsite Nu.nl schrijf op 25 mei 2013:

“De beoordeling bestaat van de thesis bestaat uit een vraag die aan iedereen in de kring wordt gesteld, namelijk of deze leerling klaar is voor de volgende stap die hij wil nemen in de maatschappij.” 

 

Ervaringen scholen buitenland

De Sudbury Valley school en Summerhill bestaan al heel lang (resp. 40 en 90 jaar) en hebben onderzoek gedaan naar wat er van de jongeren terecht is gekomen die na hun achttiende hun leven in de maatschappij zijn begonnen. Veel zijn gaan studeren op hogere scholen en universiteiten. Als ze zich daar aanmelden, blijkt dat ze met open armen ontvangen worden. Het blijkt voordelig te zijn om van een dergelijke school te komen. Deze jongeren weten waar ze voor kiezen, zijn verantwoordelijk en zeer gemotiveerd. Anderen zijn direct aan het werk gegaan. Zij zijn terechtgekomen in allerlei soorten beroepen. Denk hierbij aan managers, automonteurs, musici, kunstenaars, handelaars, ingenieurs en ontwerpers. Niemand heeft ongeschoold werk. Er worden in vergelijking met afgestudeerden van andere scholen relatief meer eigen ondernemingen opgezet. Dezelfde ervaringen gelden voor de ex-leerlingen van de Pestalozzi-school in Ecuador.

De overgang naar de maatschappij buiten de school werd niet als probleem ervaren:

“De anderen van andere scholen hadden heel veel uit het hoofd geleerd, maar ik heb geleerd de ondernemer van mijn eigen leven te zijn.”

De overgang van een school waar je kon doen wat je wilde, naar het werk met zijn regels en eisen bleek ook geen probleem:

“Mijn vrijheidsgevoel is zo sterk dat ik het ervaar als een inwendige ruimte waarin ik vrij ben – ook als ik op mijn werk onder grote druk sta, of te maken heb met een onaangename baas. En verder kan ik het goed vinden met mijn collega’s. Ik vind het niet moeilijk grenzen te stellen zonder anderen te beledigen. Overal waar ik ervaringen wil opdoen, ben ik in korte tijd de beste werknemer. Dit komt omdat ik alles wat op mijn weg komt zo goed mogelijk wil doen. Dat ben ik aan mijzelf verplicht en dat doet geen afbreuk aan mijn levenslust.”

Mensen die deze scholen doorlopen weten wat ze willen, maken een duidelijke keus, staan meer open, en hebben meer zelfvertrouwen. Het blijkt in de praktijk dat een dergelijke vorm van onderwijs geen negatieve invloed heeft op de mogelijkheden die je in de maatschappij hebt. Tegelijkertijd kunnen deze kinderen wel genieten van een kindertijd van vrijheid, respect en vertrouwen.

Benieuwd naar wat we zoal doen? Laat je email-adres achter.



Uit de praktijk: