Sociaal Constructivisme

Sociaal Constructivisme is de wetenschappelijke basis van Natuurlijk Leren. Ontwikkelingspsycholoog Piaget wordt gezien als voorloper van het constructivisme. Centraal binnen de theorie staat de gedachte dat de omgeving het kind beïnvloedt in de ontwikkeling. Het accent ligt op ‘eigen leerkracht’ en zelfontdekking waarbij spel van groot belang is. De rol van de leerkracht is beperkt, omdat het kind via zelfregulering zijn processen leidt.

Het constructivisme is een leertheorie gebaseerd op de veronderstelling dat we leren door te reflecteren op onze ervaringen. We construeren zo ons begripskader van de wereld. Ieder van ons ontwerpt zijn eigen regels en mentale modellen die we gebruiken om zin te geven aan onze ervaringen.

Kern van het constructivisme is dat leren niet het koppelen is van een objectieve werkelijkheid aan een vooraf te bepalen voorkennis. In plaats daarvan ‘zijn er verschillende werkelijkheden waarvan leerlingen zich een mentaal beeld moeten vormen (construeren). Dit doen zij door actief gebruik te maken van het unieke geheel van wat zij al weten.’ (Boekaerts & Simons) Dat ‘doen’ is tegelijk een opdracht voor het onderwijs: leerlingen stimuleren daarin actief te zijn. Het constructivisme bindt de strijd aan met de veel voorkomende gedachte dat er algemene kennis en vaardigheden zouden bestaan die onafhankelijk van de context geleerd moeten worden.

Het verwerven van kennis en vaardigheden zijn dus niet zozeer het gevolg van een directe overdracht van kennis, maar eerder het resultaat van denkactiviteiten van de leerlingen zelf. We leren door nieuwe informatie te verbinden aan wat we al weten. Het constructivisme benadrukt daarmee de actieve rol van de leerling bij het verwerken van informatie en het verwerven van kennis en vaardigheden. Sociale processen spelen hierbij een belangrijke rol.

Tenslotte wordt kennis niet alleen individueel geconstrueerd, maar ook steeds weer gespiegeld aan de opvattingen van anderen. Kennis komt tot stand door interpretatie van informatie. Omdat interpretatie afhankelijk is van de voorkennis en associaties van de lerenden is deze per definitie subjectief van aard. Door eigen kennis te spiegelen aan de kennis van anderen wordt deze niet alleen verrijkt, maar bereikt het ook een hogere mate van intersubjectiviteit.

Constructivistisch leren of elementen ervan vinden we onder vele namen terug in verschillende onderwijsvernieuwingsprojecten: ontwikkelingsgericht onderwijs, adaptief onderwijs, natuurlijk leren, het nieuwe leren, vraaggestuurd onderwijs, etc. De belangrijkste gemeenschappelijke kenmerken zijn:

  • Betekenisvol
  • Leren in de context
  • Zelf keuzes maken
  • Leren doe je samen
  • Kennisconstructie
  • Competentiegericht
  • Heterogeniteit.

Benieuwd naar wat we zoal doen? Laat je email-adres achter.



Uit de praktijk: